levend-verlies

In onze podcasts komen ouders en hulpverleners aan het woord over Levend verlies. We vragen hen naar hun ervaringen en proberen een brug tussen hen te slaan. Wat is Levend Verlies precies? En hoe kunnen hulpverleners ouders ondersteunen. Elke laatste zondag van de maand publiceren wij een nieuw gesprek.

Blog: Naasten

“Dat ik in de relatie met mijn zoon niet altijd mijn intuïtie kan volgen, zie ik niet als een verlies. Ik zie het als een winst dat ik kan leren om dat anders te doen.”

Tom Rusting (78) is vader van een volwassen zoon met psychosegevoeligheid. In de afgelopen 20 jaar heeft hij veel geleerd over de manier waarop hij kan omgaan met deze aandoening. “Dat wist ik niet uit mijzelf. Ik probeerde mijn zoon uit het hoofd te praten dat hij achtervolgd werd. Maar dat wakkerde zijn wantrouwen alleen maar aan.”

Afl 32 Tom Rusting

Tom Rusting is vader van een zoon met psychose-gevoeligheid, familie-ervaringsdeskundige bij Altrecht en oprichter van de stichting Naastentraining.

We praten met Tom over de naasten van mensen met een psychische aandoening en de ondersteuning die zij nodig hebben én kunnen geven.

Dat ik in de relatie en communicatie met mijn zoon niet altijd mijn intuïtie kan volgen, zie ik niet als een verlies. Ik zie het als een winst dat ik kan leren om dat anders te doen.

Klik hier voor meer informatie over de Naastentraining

Klik hier voor meer informatie over de familiecoaching van Altrecht

Blog: Zoektocht

“Op het schoolplein zei een oudere zuster ‘ze hoort hier ook helemaal niet’. Toen dacht ik ‘klaar’.”

We praten met Marry Klein (92) over de tijd dat haar dochter Elly (nu 51) nét naar school ging. De herinneringen zijn oud, maar de emoties zijn vers.

“Elly was geen kind voor een hoop drukte om zich heen. Ik hoorde dat hier vlakbij een kleuterschool was met twee lokalen.” Marry ging kijken bij een open dag en besloot Elly naar deze school te laten gaan. “Ze vond het daar heerlijk. Maar op een dag is ze zelf vanaf het schoolplein naar huis gelopen. Ik zag haar aan de overkant van de straat staan. Ik schrok me dood. Ik ben teruggegaan en vroeg ‘kan dat zomaar?’. Toen zei een ouder zustertje ‘ze hoort hier ook helemaal niet’. Toen dacht ik ‘klaar’.”

Afl 31 Marry Klein-Ouwehand

Marry Klein-Ouwehand is een 92-jarige moeder van een dochter van 51 met een verstandelijke beperking.

We praten met Marry over een andere tijd waarin je moeilijke dingen voor jezelf hield. Over hoe het is als je dochter 6 keer moet verhuizen. Over de zorg die je hebt over hoe het zal gaan na je dood en over een mooie oplossing daarvoor.

“Je bent toch altijd in de zorg. Je vraagt je af of het goed gaat. En wat het moet worden.”

Blog: Doorleven

“Hoe zou het voor jou zijn, om stil te staan bij alles wat je verloren hebt?” In haar begeleiding van ouders die te maken hebben met Levend Verlies, stelt Tanja van Roosmalen deze vraag regelmatig. Het antwoord dat ouders geven is heel verschillend.

Tanja van Roosmalen is orthopedagoog en rouw- en verliestherapeut. “Veel ouders met een kind met een beperking hebben één of meer overspoelende gebeurtenissen meegemaakt, waarbij een groot gevoel van controleverlies optrad. Ze hebben hun kind naar de OK zien gaan voor een hartoperatie. Of hun kind is moeilijk instelbaar op epilepsie. Zo’n overspoelende gebeurtenis leidt tot een trauma, waardoor ouders in een overlevingsstand komen.”

Blog: Balans

“Dat vind ik zo mooi aan de definitie van Levend Verlies: het gaat over terúgkerende gevoelens van rouw. Dat betekent dus óók dat daar tussenin periodes van balans zijn.”

Alice Schippers is bijzonder hoogleraar Disability Studies. In de podcastserie van Levend Verlies vertelt ze over haar onderzoek naar de kwaliteit van leven in gezinnen met een kind met een beperking. “Ik zie dat ouders steeds opnieuw een balans vinden. En met balans bedoel ik dan het ervaren van positieve momenten. Dat vind ik zelf een enorm helpende gedachte op een moment dat de rouw je overvalt: er komt óók weer een moment van balans.”

Afl 30 Alice Schippers

Alice Schippers

Alice Schippers is bijzonder hoogleraar Disability Studies aan de Universiteit voor Humanistiek.

We praten met Alice over wat het betekent anders te zijn, af te wijken van de norm. Als kind met een beperking, als ouder, en als gezin. Wat heeft het met levend verlies te maken dat je leven er anders uitziet dan het leven van de meeste mensen om je heen? Hoe kijkt Alice daar vanuit haar vakgebied tegenaan? En vanuit zichzelf als moeder? Een gesprek over anders kijken.

“We leven in deze maatschappij vanuit een norm dat een beperking iets is wat niet hoort, wat afwijkend is. We zitten vast aan die impliciete norm, willen bij de grote groep horen. Wanneer je je realiseert dat die norm er is en dat je daar óók van kunt afwijken, kan dat behulpzaam zijn.”

Blog: Verbinding

“Ik heb een aantal mensen om me heen waarbij ik altijd terecht kan met mijn zorgen en gevoelens rondom onze zoon. Maar er zijn ook mensen die dichtbij me staan en die toch niet écht weten wat het allemaal behelst om een zorgintensief kind te hebben en daar ook niet of nauwelijks naar vragen.”

Ouders met een zorgintensief kind hebben vaak een ander verhaal. De omgeving herkent dat verhaal niet. Geen anekdotes die over en weer worden uitgewisseld, omdat de andere ouder dit óók heeft meegemaakt. “Meestal gaat het gesprek over wat er allemaal wél goed gaat met mijn kind. Alsof mensen graag lichtpuntjes willen zien. Terwijl ik het soms ook fijn vind om te praten over wat het allemaal van me vraagt als ouder.”

Blog: Uit huis

“Op haar veertiende ging Eva uit huis. Het was de moeilijkste stap ooit in mijn leven.”

Mariëlle Bruntink zucht terwijl ze terugdenkt aan dit moment, ruim 5 jaar geleden. “Dat ik de zorg over moest dragen aan iemand anders, dat voelde als falen. Mijn moederhart brak…”

Mariëlle is de moeder van Eva (19) en heeft nog twee zoons van 17 en 14. “Mensen vragen wel eens hoe je zo’n beslissing neemt, maar je néémt die beslissing niet. We zijn het pad opgegaan en op enig moment waren we ten einde raad. Toen zeiden de zorgprofessionals: ‘we nemen het nu van jullie over’. En dat was eigenlijk heel prettig. Dat zetje had ik nodig. Ik wilde niet zelf zeggen: ‘Eva kan niet meer thuis wonen’, want dan was ik mijn gezin kwijt.”